Stalking / Huiselijk geweld

Overige

Spreekrecht 51e Sv

1. Het spreekrecht kan worden uitgeoefend indien het ten laste gelegde feit een misdrijf betreft waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaar of meer is gesteld, dan wel een van de misdrijven genoemd in de artikelen 240b247248a248b249250,285285b300, tweede en derde lid301, tweede en derde lid306 tot en met 308 en 318 van het Wetboek van Strafrecht en artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994.

2. Het slachtoffer, de vader of de moeder van een minderjarig slachtoffer die een nauwe persoonlijke betrekking met dat slachtoffer hebben en personen die dat slachtoffer als behorende tot hun gezin verzorgen en opvoeden en in een nauwe en persoonlijke betrekking tot het kind staan kunnen, gezamenlijk of elk afzonderlijk, op de terechtzitting een verklaring afleggen over de gevolgen die de strafbare feiten genoemd in het eerste lid, bij hen teweeg hebben gebracht. Van het voornemen daartoe geeft hij voor de aanvang van de terechtzitting schriftelijk kennis aan de officier van justitie opdat deze hem tijdig kan oproepen. De voorzitter kan het spreekrecht van de vader of moeder of verzorgers als bedoeld in de eerste volzin, ambtshalve of op vordering van de officier van justitie beperken of ontzeggen wegens strijd met het belang van het minderjarige slachtoffer.

3. Het spreekrecht bedoeld in het eerste lid kan ook worden uitgeoefend door een nabestaande die te kennen heeft gegeven op de terechtzitting te willen verklaren over de gevolgen die het overlijden van het slachtoffer bij hem teweeg hebben gebracht. De nabestaande die het spreekrecht wenst uit te oefenen geeft voor de aanvang van de terechtzitting schriftelijk kennis aan de officier van justitie opdat deze hem tijdig kan oproepen.

4. Tot de nabestaanden die voor oproeping op grond van het derde lid in aanmerking komen, behoren:

  • a. de echtgenoot of geregistreerde partner dan wel een andere levensgezel, en
  • b. de bloedverwanten in de rechte lijn en die in de zijlijn tot de vierde graad ingesloten.

Indien meer dan drie nabestaanden bedoeld onder b hebben meegedeeld dat zij van hun spreekrecht gebruik willen maken, en zij het onderling niet eens kunnen worden over wie van hen het woord zal voeren, beslist de voorzitter welke drie personen van het spreekrecht gebruik kunnen maken.

5. Tot de slachtoffers of nabestaanden die van het spreekrecht gebruik kunnen maken, behoort de minderjarige die de leeftijd van twaalf jaar heeft bereikt. Dit geldt ook voor de minderjarige die die leeftijd nog niet heeft bereikt en die in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake.

6. Indien het slachtoffer of een nabestaande de leeftijd van twaalf jaren nog niet heeft bereikt, kan het spreekrecht worden uitgeoefend door zijn wettelijke vertegenwoordigers voor zover deze vertegenwoordiging niet in strijd is met het belang van de minderjarige. De wettelijke vertegenwoordigers kunnen tevens gezamenlijk of elk afzonderlijk, op de terechtzitting een verklaring afleggen over de gevolgen die de strafbare feiten genoemd in het eerste lid, bij hen teweeg hebben gebracht. De voorzitter kan, ambtshalve of op vordering van de officier van justitie, beslissen dat het spreekrecht niet wordt uitgeoefend door de wettelijke vertegenwoordiger wegens strijd met het belang van de minderjarige.

7. Voor het slachtoffer of de nabestaande dat feitelijk niet bij machte is het spreekrecht uit te oefenen, kan het spreekrecht over de gevolgen van het strafbaar feit door welke deze is getroffen, worden uitgeoefend door de persoon genoemd in het vierde lid, onderdeel a, en één van de personen genoemd in het vierde lid, onderdeel b.

Toelichting

Het slachtoffer heeft in het strafproces de laatste jaren steeds meer betekenis gekregen. Hierdoor is de positie van het slachtoffer versterkt. Naar aanleiding van het strafproces tegen Robert M. zijn er een aantal ontwikkelingen in een stroomversnelling geraakt, waardoor er een uitbreiding is gekomen van spreekgerechtigden. Dit artikel is van kracht sinds 1 september 2012.

Daarvoor bestond er spreekrecht voor slachtoffers van een zaak, ook voor minderjarigen. In de zaak Robert M. was sprake van misbruik van zeer jonge kinderen, die nog niet in staat waren te spreken. Met het huidige artikel kunnen jonge slachtoffers door anderen vertegenwoordigd worden. Naast de partner van het overleden slachtoffer krijgen maximaal 3 nabestaanden spreekrecht in de rechtszaal. Dat kan een kind, ouder of ander familielid van het slachtoffer zijn.

Ouders of voogden van minderjarige slachtoffers die zelf niet kunnen spreken, krijgen een eigen spreekrecht tijdens de rechtszaak. Zij mogen vertellen over de gevolgen die het misdrijf voor henzelf heeft gehad. Slachtoffers of nabestaanden die niet zelf durven of kunnen spreken tijdens de zitting mogen dat door hun raadsman of een gemachtigde laten doen.

Het slachtoffer heeft spreekrecht  ter verwerking van het strafbare feit dat hem of haar is aangedaan. Het gaat hier om zijn of haar eigen ervaringen die uit dit strafbare feit voortvloeien. Dat kan gaan over lichamelijke, emotionele of financiële gevolgen.  

Het spreekrecht van vertegenwoordigers of naasten is een afgeleid spreekrecht, omdat het slachtoffer niet in staat is zijn spreekrecht zelf uit te oefenen. Het slachtoffer mag niets zeggen over de straf die de rechter gaat opleggen. Als het slachtoffer niet de confrontatie met de verdachte wil aangaan op de rechtszitting, dan kan het slachtoffer in een schriftelijke verklaring aangeven wat de gevolgen van het delict voor hem/haar  zijn geweest.

De slachtofferverklaring wordt aan het strafdossier toegevoegd. De rechter, de officier van justitie en de advocaat van de verdachte lezen de verklaring al voor de rechtszitting. Tijdens de rechtszitting kan de slachtofferverklaring worden voorgelezen.

Kinderen van 12 jaar of ouder mogen gebruikmaken van het spreekrecht of van de schriftelijke slachtofferverklaring. Dit geldt ook voor kinderen jonger dan 12 jaar die in staat zijn om voor hun eigen belang op te komen. Bij een kind jonger dan 12 jaar mag een wettelijk vertegenwoordiger namens hem of haar het spreekrecht uitoefenen.

Voor hulp bij het spreekrecht of het opstellen van een schriftelijke slachtofferverklaring, kunt u contact opnemen met Slachtofferhulp Nederland. www.slachtofferhulp.nl

Wanneer spreekrecht (voor de zedentitel)

240b Sr           Kinderpornografie

242 Sr             Verkrachting

243 Sr             Seksueel binnendringen bewusteloze

244 Sr             Seksueel binnendringen van iemand beneden 12 jaar

245 Sr             Seksueel binnendringen van iemand beneden 16 jaar

246 Sr             Aanranding

247 Sr             Ontucht met bewusteloze, onmachtige, gestoorde of kind

248a Sr            Verleiding van minderjarige tot ontucht

248b Sr            Ontucht met prostituee

249 Sr             Ontucht met misbruik van gezag/vertrouwen

250 Sr             Koppelarij