Stalking / Huiselijk geweld

Overige

Hoorrecht (Art. 167a Stafvordering)

Terzake van een misdrijf, omschreven in artikelen 245, 247 of 248a, 248d en 248e van het Wetboek van Strafrecht en gepleegd ten aanzien van een minderjarige die 12 jaar of ouder is, stelt het openbaar ministerie de minderjarige zo mogelijk in de gelegenheid zijn mening over het gepleegde feit kenbaar te maken.

 

Toelichting:

Artikel 167a is een nieuw artikel en in de plaats gekomen van het klachtvereiste.

Uit onderzoek is naar voren gekomen dat het klachtvereiste in de praktijk niet bevredigend functioneert. Het klachtvereiste was o.a. van toepassing bij het plegen van ontuchtige handelingen met een minderjarige tussen 12 en 16 jaar.

Gebleken is dat het klachtvereiste soms in de weg staat aan een effectieve opsporing van kinderprostitutie en sekstoerisme. Ook is vastgesteld dat het klachtvereiste mogelijk maakt dat strafrechtelijk wordt opgetreden naar aanleiding van een klacht van de wettelijk vertegenwoordiger, terwijl de minderjarige ten aanzien van wie het feit is gepleegd, geen vervolging wenst.

Verder is gebleken dat in de praktijk het onderscheid tussen het indienen van een klacht en het doen van een aangifte enigszins aan het vervloeien is.

De regering is van oordeel dat de doeleinden van het klachtvereiste een evenwicht tussen bescherming van het kind tussen 12 en 16 jaar tegen seksueel misbruik én bescherming van dat kind tegen aantasting van zijn groeiende seksuele vrijheid evengoed en beter langs andere weg kunnen worden gerealiseerd.

Het klachtvereiste is dus vervallen en gelijktijdig wordt een verplichting ingevoerd voor het openbaar ministerie om de minderjarige in de gelegenheid te stellen zijn of haar mening over het gepleegde feit kenbaar te maken.

Het is van groot belang dat het minderjarige slachtoffer op deze wijze in de gelegenheid wordt gesteld zijn of haar zienswijze omtrent de gebeurtenissen naar voren te brengen en eventueel de zienswijze omtrent de wenselijkheid van een strafvervolging.

Dit hoorrecht is thans in algemene zin in artikel 165a Sv. onder meer toegekend aan de minderjarige die 12 jaar of ouder is, indien zijn of haar wettelijke vertegenwoordiger namens hem of haar een strafklacht heeft ingediend.

Het hoorrecht betreft de feiten die strafbaar gesteld zijn in de artikelen 245, 247, 248a, 248d en 248e Sr. Een dergelijke regeling levert een extra waarborg op dat in deze zaken strafrechtelijk optreden volgt, waar dit geboden is en strafrechtelijk optreden achterwege blijft, indien de belangen van het kind daartoe nopen.