Slachtoffers aanranding niet blij met bedenktijd aangifte.

Aangerand worden in een café, maar daar niet meteen aangifte van mogen doen bij de politie. Het overkwam journaliste Rosa Timmer.

Ze schreef er een kritische column over, die nu ook in de Tweede Kamer tot beroering leidt. Ik heb in het gesprek een stuk of vijf keer aangegeven dat ik nu aangifte wilde doen. Ik wist het zeker. Maar ik kreeg eerst 2 weken bedenktijd, heel kwalijk.

Na een paar dagen nadenken weet Rosa Timmer het zeker. Ze zal aangifte doen tegen degene die haar begin juni aanrandde. In een vol café in Groningen liet een haar onbekende man zijn hand plotseling onder haar rokje glijden, om haar in haar kruis te grijpen. Hij moet weten dat dit niet zomaar kan.

Ze vraagt de camerabeelden op bij het café en belt de politie. Daar voert ze een informatiegesprek, standaard bij zedenmisdrijven. Een rechercheur legt daarin uit wat de gevolgen zijn van een aangifte. ,,Mensen weten vaak onvoldoende wat een impact zo'n aangifte kan hebben,'' legt Désirée Wilhelm van het Openbaar Ministerie uit. ,,Als het tot een rechtszaak komt, komen alle details naar buiten. Je zult alles weer moeten herbeleven.''

In het 2 uur durende gesprek blijft Timmer bij haar besluit: ze wil nu aangifte doen. Maar dat mag niet. Ze moet er eerst over nadenken. Zo wil de politie valse aangiftes voorkomen, maar vooral slachtoffers beschermen, benadrukt woordvoerster Sylvia Sanders. ,,Bedenktijd is niet verplicht, maar de inschatting van de zedenrechercheur was dat het beter was als Rosa Timmer er goed over zou nadenken.''

Ik had van tevoren al goed nagedacht of ik aangifte wilde doen, die stap zet je echt niet zomaar. Ik voelde me niet serieus genomen.'' Zeker niet toen de politie de prioriteiten aangaf. ,,Er is ook tegen me gezegd dat kindermisbruik altijd voor mijn zaak gaat. Nou, dan voel je je nogal lullig. Ik snap ook wel dat kinderen voor gaan, maar waarom wordt die druk op mij gelegd?'' De verslaggeefster van het Dagblad van het Noorden schreef er een gepeperde column over in haar krant.

Toeval of niet, ruim 1 maand later beschreef columniste Hadjar Benmiloud in Metro een soortgelijke ervaring. Volgens haar raadde de politie haar zelfs ronduit af om aangifte te doen: het aangifteproces is slopend en heeft bijna nooit een veroordeling tot gevolg. Onbegrijpelijk, vinden VVD en PvdA.

De coalitiepartijen gaan er vragen over stellen aan minister Ard van der Steur (Veiligheid en Justitie). ,,Het is goed dat de politie informatie geeft over de gevolgen van de aangifte en ook vertelt dat aangifte niet altijd leidt tot vervolging,'' zegt PvdA-Kamerlid Marith Rebel. ,,Maar er mogen niet te veel drempels worden ingebouwd. De politie mag niet beslissen of er aangifte wordt gedaan. Als door deze werkwijze slachtoffers afzien van aangifte, is dat behoorlijk riskant. Dan lopen potentiële daders vrij rond.''

Corinne Dettmeijer, Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen, trok vorig jaar al aan de bel bij de minister, omdat nog veruit de meeste zedendelicten niet worden gemeld bij de politie. Volgens Dettmeijer werkt de bedenktijd ontmoedigend. Vaak denken slachtoffers zelf al goed na voor ze naar de politie stappen. Als de dader een onbekende is, wacht het slachtoffer gemiddeld 10 dagen voor hij of zij naar het politiebureau gaat. Bij een bekende dader duurt het gemiddeld 8 maanden. AD 31-7-2015