Afschaffing verjaring zware misdrijven

De Eerste Kamer heeft ingestemd met een wetsvoorstel van minister Opstelten van Veiligheid en Justitie dat de verjaring afschaft voor misdrijven waar een maximale gevangenisstraf van twaalf jaar of meer op staat.

Dat geldt eveneens voor ernstige zedenmisdrijven gepleegd tegen kinderen. Nu verjaren alleen de misdrijven met levenslange gevangenisstraf niet. Verder wordt de verjaringstermijn verlengd voor misdrijven waarop een maximale gevangenisstraf van acht jaar of meer is gesteld. Die termijn wordt twintig jaar in plaats van de huidige twaalf jaar.

Hieronder vallen onder meer zware mishandeling en diefstal met geweld. De nieuwe regeling gaat in op 1 januari 2013. Opstelten vindt het onwenselijk dat daders van bijvoorbeeld verkrachting en doodslag enkel door tijdsverloop aan hun straf kunnen ontkomen. Vervolging van zware delicten moet altijd mogelijk zijn. De maatschappelijke behoefte om daders te straffen blijft ook na zeer lange tijd nog bestaan, zeker bij slachtoffers en nabestaanden. Bovendien raken deze misdrijven ook in brede zin het vertrouwen in de rechtsorde en de veiligheidsbeleving van burgers.

Genoegdoening van slachtoffers moet zwaarder wegen dan het argument dat er op enig moment definitief een streep onder de zaak wordt gezet, aldus de minister. Daar komt bij dat moderne opsporingsmiddelen als DNA-onderzoek het mogelijk maken om ook na langere tijd bewijs te vergaren en misdrijven op te lossen. Ook zijn er ernstige misdrijven die pas veel later bekend worden, seksueel misbruik tegen kinderen illustreert dat.

Met de nieuwe regeling kunnen jeugdige slachtoffers daarvan ook op latere leeftijd trachten genoegdoening te krijgen voor het leed dat hun is aangedaan. De opheffing van de verjaringstermijn geldt straks niet alleen voor misdrijven die op of na de datum van inwerkingtreding van de wet zijn gepleegd, maar ook voor delicten die op dat moment nog niet zijn verjaard. Rijksoverheid 13-11-2012.