Misbruikers komen zelden voor rechter

Mensen met een lichte verstandelijke handicap worden op grote schaal slachtoffer van seksueel misbruik, constateren de behandelcentra waar zij verblijven. Maar zelden komen de misbruikers voor de rechter. Vervolging blijkt in de praktijk uiterst lastig, constateert hoogleraar Peter van den Bergh. "De verklaringen over het misbruik zijn vaak onsamenhangend. Een beetje advocaat veegt daarmee de vloer aan. Een aantal zaken sneuvelt daardoor al bij de politie of openbaar ministerie, omdat het bewijs flinterdun is," stelt de Leidse hoogleraar orthopedagogiek.

Zo geeft hij het onderzoek naar de psyche van een 16-jarig zwakbegaafd meisje uit Nijmegen weinig kans. De rechtbank die haar zaak behandelt, wil weten of ze met haar IQ van 70 naar waarheid heeft kunnen verklaren over een groepsverkrachting door drie Marokkaanse mannen.

"Een onmogelijke opdracht," aldus van den Bergh. "Eerst moet je onderzoeken op welke leeftijdsniveau ze nu functioneert en dan moet je terugredeneren naar het moment van de verkrachting. Het is bijna ondoenlijk vast te stellen wat het waarheidsgehalte is van het misbruikverhaal van een zwakbegaafde onder zulke omstandigheden."

Getuigenissen zijn vaak een gatenkaas. "Zaken sneuvelen daarop," aldus de hoogleraar. Des te pijnlijker omdat licht verstandelijk gehandicapten volgens deskundigen makkelijker slachtoffer worden van een zedenmisdrijf. Ze zijn vaak goed van vertrouwen, zijn uit op waardering en hebben moeite met het stellen van grenzen. Daders maken gebruik van die kwetsbaarheid en hun verweer is vaak identiek: er was geen sprake van dwang, ze wilde het zelf.

Zo ook in de zaak van het meisje van 16. In de nacht van 17 juni 2009 treffen surveillerende agenten het meisje aan op het Utrechtse bedrijventerrein Lage Weide. Onder de modder, met betraande wangen en in gezelschap van drie Marokkaanse mannen (van 23 en 27 jaar) uit Utrecht. Ze zegt dat alles in orde is en dat ze geen hulp nodig heeft. Een van de mannen wordt evenwel aangehouden, omdat hij nog een boete heeft openstaan. Het meisje rijdt met het resterende duo mee om een Turkse pizza te gaan eten in de stad. Pas later in de nacht zoekt ze contact met een vriendin. Ze zegt dan dat ze hulp nodig heeft. Ze is verkracht.

De aangifte en het studioverhoor bij de politie - vanwege haar geestelijke vermogens is ze op een speciale manier verhoord - geven het ontluisterende beeld van een groepsverkrachting. Ze moest naast de auto op een matje gaan liggen en meewerken. Anders zou ze niet worden teruggebracht naar huis. Een van de mannen beet haar toe dat hij ‘net als de anderen wilde klaarkomen', aldus het meisje tegen haar verhoorders.

De verdachte ontkennen alledrie dat ze hun Nijmeegse kennisje tot seks hebben gedwongen. Met twee van hen zou ze al vaker seksueel contact hebben gehad, zo bevestigt ook een vriendin van haar. Trio's zouden haar zelfs niet vreemd zijn.

Volgens de verdediging ontstaat uit het strafdossier het beeld van een losbandig meisje dat zichzelf makkelijk weggeeft, maar zo nodig sociaal wenselijke antwoorden geeft. "Maar dan nog mag je iemand niet verkrachten. Niet als het je echtgenote is, niet als je iemand ervoor betaalt en niet als het om een scharrel gaat. Al zou dit meisje de grootste slettebak van Nijmegen zijn, dan nog!" verwoordde officier van justitie Martens haar afschuw.

Volgens de rechtbank Utrecht is het voor de waarheidsvinding van groot belang dat een gedragsdeskundige zich buigt over de verklaring van het slachtoffer. Bron: AD 23-10-09