Amnesty International in Nederland - Blijf van mijn lijf

Ruim zestig procent van de vrouwen in Blijf-van-mijn-lijfhuizen is allochtoon. Trudy de Jong, directrice van deze opvang in Dordrecht bevestigt: ‘Dit betekent niet automatisch dat autochtone vrouwen minder vaak slachtoffer zijn van mishandeling. Vooral vrouwen die geen inkomsten en geen familie hebben zoeken steun bij ons.'

Volgens De Jong heeft het weglopen naar een opvanghuis direct te maken met de sociaal-economische positie van de vrouw. ‘Vrouwen met eigen inkomsten of met veel vrienden vinden elders hulp. Vrouwen uit de lagere milieus komen veelal bij ons. Dat veel allochtone vrouwen bij deze groep horen is een feit.'

Bovendien is in veel migrantengroepen het idee dat geweld nooit toelaatbaar is minder gemeengoed. Verontwaardiging over vrouwenmishandeling komt minder voor - het is niet helemaal vanzelfsprekend daders te veroordelen en slachtoffers steun te bieden. Dat lijkt overigens ook te gelden voor autochtonen in sommige plattelandsgemeenten, zo blijkt uit onderzoek. Het gaat in beide gevallen om kleine gemeenschappen waarin iedereen elkaar kent en men bang is voor roddel en uitsluiting.

Volgens het actieplan van GroenLinks is vrouwenmishandeling wereldwijd een hardnekkig en veelvoorkomend probleem dat zich in alle maatschappelijke lagen en etnische groepen voordoet: ‘Bij één op de negen vrouwen is het geweld herhaaldelijk en ernstig. Jaarlijks overlijden in ons land ongeveer zeventig vrouwen aan de gevolgen van dit geweld. Vrouwenmishandeling heeft ernstige gevolgen, zowel voor vrouwen zelf als voor hun kinderen.'

En het is een groeiend probleem, zo blijkt uit een onderzoeksrapport over vrouwenmishandeling van de Stichting Transact in 2001, met schokkende uitkomsten. In Nederland worden jaarlijks ten minste 200.000 vrouwen tussen de twintig en zestig jaar slachtoffer van huiselijk geweld, van wie vijftigduizend zeer ernstig, stelt het rapport.

‘Deze vrouwen worden door hun partner stelselmatig geslagen, met een stok of met blote handen, en geschopt. Ze worden van de trap gegooid, gedwongen tot seksuele handelingen, gestoken met een scherp voorwerp of de keel dichtgeknepen.' Naar schatting 1,25 miljoen vrouwelijke landgenoten hebben ‘ooit' te maken gehad met geestelijke, lichamelijke of seksuele mishandeling. Van de ondervraagden waren 280.000 er ‘ernstig tot zeer ernstig' aan toe.

Desondanks doet slechts een kleine tien procent van de slachtoffers van huiselijk geweld aangifte bij de politie. Angst, schaamte of schuldgevoel zijn er de oorzaak van dat de dader vrijwel altijd buiten schot blijft. Jaarlijks krijgen slechts achthonderd mannen die zich schuldig hebben gemaakt aan mishandeling van hun vrouw een voorwaardelijke vrijheidsstraf of tbs opgelegd.