Het bewerkstelligen van geheimhouding

Veel plegers geven aan dat zij het kind niet tot geheimhouding hebben gedwongen. Plegers zeggen soms zelfs dat zij het slachtoffer hebben verteld dat het niet hoeft te zwijgen of dat ze zelfs "toestemming" hebben gegeven om er over te praten. "Als je het aan mamma wilt vertellen, dan moet je dat maar doen".

Door de lading van deze uitspraak en de expliciete toestemming die van de pleger uitgaat, kan dit door het kind als een "slot op de mond" worden ervaren.

Wanneer kinderen de opgelegde geheimhouding gehoorzamen, voelen zij zich medeverantwoordelijk en wordt het geheim daardoor extra bekrachtigd. Kinderen doorbreken vanuit deze medeverantwoordelijkheid minder snel het zwijgen.

Uit onderzoek is gebleken dat plegers (vaders) een dreigende blik of anderszins lichaamstaal aanwendden wanneer zij voelden dat hun dochters op het punt stonden het seksueel misbruik naar buiten te brengen. Voor veel slachtoffers zijn, blijkens hun tekeningen en hun verhalen, de ogen van de pleger een uiterst machtig wapen.

Daarmee kan hij, zonder fysieke dwang uit te oefenen, een zeer grote psychische invloed uitoefenen, waardoor bij het slachtoffer de angst wordt geactiveerd. Op grond daarvan kan de geheimhoudingssituatie verder gecontinueerd worden.