Wel of geen aangifte doen

Voor veel slachtoffers van seksueel misbruik is de gang naar het politiebureau om aangifte te doen soms een moeilijke beslissing. Er kunnen redenen zijn om daar vanaf te zien, maar de vraag is of dat verstandig is.

Tegenwoordig beschikken alle nieuwe politie eenheden over rechercheurs die gespecialiseerd zijn op het gebied van zedenmisdrijven. Alle politie eenheden hebben speciale zedenafdelingen. Deze werken vaak vanuit een centraal punt binnen deze eenheid.

De beslissing voor u om aangifte te doen kunnen velerlei zijn. Het kan zijn dat u wilt dat de verdachte vervolgd wordt of u wilt een daad stellen ten opzichte van de verdachte om daarna zelf verder te kunnen gaan met de verwerking van deze traumatische ervaring.

Er zijn ook redenen om het seksueel misbruik niet te melden. Soms hebben slachtoffers problemen om aangifte te doen. Ze kunnen zichzelf schuldig voelen, omdat ze in hun ogen niet duidelijk genoeg hebben aangegeven waar hun grens lag, of ze zijn nog bezig met de verwerking van deze traumatische ervaring en zijn nog niet toe aan het doen van een aangifte.
Ook zijn slachtoffers soms bang dat de verdachte wraak gaat nemen als hij er achter komt dat er aangifte gedaan is. Het kan ook zijn dat er andere problemen een rol spelen, bijvoorbeeld als de verdachte iemand uit de eigen familie is.

Voor al deze gevallen is het altijd verstandig om een gesprek aan te gaan met een zedenrechercheur. Tijdens dit gesprek, het informatieve gesprek, wat vooraf gaat aan een aangifte, kunt u uw verhaal doen en kunnen de zedenrechercheurs u duidelijkheid geven of er sprake is van een strafbaar feit, of de verjaring een rol speelt, wat er allemaal verder kan gebeuren als hier een aangifte van gedaan wordt en wat de consequenties voor u (kunnen) zijn van deze aangifte.

De zedenrechercheurs zullen het doen van een valse aangifte in ieder geval met u te bespreken. Dit is strafbaar en zal zeker door de Officier van Justitie vervolgd worden.

Na zo'n gesprek kunt u altijd nog de beslissing nemen of u aangifte wil doen of niet. Hierbij dient wel opgemerkt te worden dat als u besluit om geen aangifte te doen, de Officier van Justitie per melding gaat bekijken of hij deze ambtshalve gaat vervolgen. Dit betekent dat als er bijvoorbeeld sprake is van seksueel misbruik wat blijft voortduren en u wil hier geen aangifte van doen, dan kan de Officier van Justitie beslissen de vervolging in te stellen zonder aangifte. Uiteraard zal hij dit per geval bekijken.

U kunt telefonisch (0900-8844) een afspraak maken en vragen of u doorverbonden kan worden met iemand van de afdeling zeden. Daar wordt de melding van u opgenomen en er wordt beoordeeld of er direct actie ondernomen moet worden of niet. De melding wordt uitgezet bij een gecertificeerde zedenrechercheur die contact met u opneemt. Mocht dat nodig zijn dan zal dat direct gebeuren. Binnen kantooruren is er altijd iemand te bereiken op de zedenafdeling. Buiten kantooruren is er bij dringende zaken altijd een zedenrechercheur bereikbaar.

Als u na het informatieve gesprek heeft besloten een aangifte te doen dan zal daarvoor een afspraak met u gemaakt worden waarna er dieper op de zaak ingegaan wordt. Daarbij zijn de omstandigheden waaronder het feit heeft plaatsgevonden ook belangrijk. Vaak denken slachtoffers dat de hele aangifte gaat over alleen maar het seksuele feit en dat alleen daar uitgebreid vragen over worden gesteld.

Natuurlijk worden daar wel vragen over gesteld en is het bij bijvoorbeeld verkrachting van belang om te weten of er sprake is van binnendringen, hoe dat gebeurde en waarmee. De omstandigheden waaronder dit gebeurd is zijn net zo belangrijk, dus daarover zullen ook heel veel vragen gesteld worden.

Als het slachtoffer dit van tevoren weet is hij of zij vaak wat gerustgesteld, want per slot van rekening moet je tegenover een vreemde wel iets intiems vertellen en dat is niet altijd even gemakkelijk. Uiteraard kun je te woord gestaan worden door een vrouwelijke zedenrechercheur, maar u zult begrijpen dat dit om verschillende redenen niet altijd mogelijk is.

Het bovenstaande geldt voor zedenmisdrijven, die in het (recente) verleden hebben plaatsgevonden. Anders is het bij een zedenmisdrijf, dat (zeer) kort geleden (deze dag of enkele uren geleden) heeft plaatsgevonden. Voor een goede opsporing is het van belang voor de politie direct in kennis gesteld te worden zodat het opsporingsonderzoek gelijk kan starten. Hoe langer u als slachtoffer wacht met het doen van de melding, hoe moeilijker het onderzoek kan worden. Om sporen van het misbruik te kunnen vinden dient de politie snel te handelen.

De aangifte kan uiteindelijk gedaan worden op een politiebureau in Nederland, in overleg met de zedenrechercheur. Uiteraard kan de politie zorgen dat er direct professionele hulpverlening ingeschakeld wordt.